PARASHAT WAJIGÁSH

En hij naderde                                Genesis. 44:18 – 47:27

RABBI SHIMON BAR JOCHAI

ZOHAR I, P. 210b

Het volgend gedeelte van de Zohar verklaart het geheim van de “Merkawa”, letterlijk “voertuig of rijtuig”. Het voertuig, beschreven in Ezekiël’s profetisch visioen (Ezekiël hoofdstuk 1), is het voertuig voor G’ddelijk openbaring in de wereld van Yetzira, de volgende wereld voorbij de spirituele dimensie van onze fysieke wereld, de wereld van Asiya.
Meditatie over verscheidene aspecten van de Merkawa was voor een belangrijke stroming in Joods mysticisme een centraal punt. De Zohar verklaart hier dat Josef zijn Merkawa inspande om een hoger niveau van G’ddelijke openbaring te bereiken. De verklaring draait rond het begrijpen van het woord “Chaya” (letterlijk “ongetemd dier”, meervoud “Chayot”) wat in de Zohar “animerende kracht” betekent.
“Josef spande zijn wagen in en trok Israël, zijn vader, naar Goosen tegemoet.” (Genesis. 46:29)
Rabbi begon zijn uiteenzetting met het citeren van het vers. “En boven de hoofden van de Chaya was een gelijkenis van een uitgestrekte oppervlakte, zoals glinsterend ijs, angstwekkend, deze oppervlakte strekte zich hoog boven hun hoofden uit.” (Ezekiël. 1:22).
Dit vers is alreeds eerder uiteengezet [als verwijzing naar een animerende kracht, Chayot, in de wereld van Yetzira].
Maar kom en zie [hoe de term “Chaya” wordt gebruikt in verschillende contexten, in dit vers en in de volgende verzen, zodat er een Chaya boven Chaya is, een hiërarchie van niveaus.
[Het hoogste niveau is] is “Heilige Chaya”, boven de hoofden van de Chayot. En daar een hogere vorm van “Chaya” [met andere woorden, hoger dan de Chayot, maar lager dan de Heilige Chaya] welke boven elke andere Chaya staan en hen allen controleert, zodat wanneer deze Chaya verlichting geeft aan hen allen, zij vervolgens opwaarts reizen, en één aan de ander [ levenskracht] doorgeeft en zodoende de ander controleert.
Overeenkomstig, er zijn drie niveaus van Chaya: “Heilige Chaya “, welke is chochma; “Chaya” (Bina) welke boven Chayot is en de Chayot controleert, en “Chayot”, de levenskracht die Zeir Anpin animeert en op elkaar inwerken. (Mikdash Melech)
Als nu al deze aspecten van de Merkawa zijn geplaatst in hun gepaste orde, wat geeft het dan weer? “En boven de expansie die zich boven hun hoofden uitstrekte zag ik iets dat leek op een troon van saffier, en daarboven, op die troon, zag ik een gedaante als van een mens.” (Ezekiël. 1:26)
Ergens anders in de Zohar wordt verklaard dat de troon de wereld van Beriya is. (Pardes, Archai)

Wij stellen dus vast dat de troon van waardevolle stenen staat op vier poten. [Dit zijn de vier Sefirot, Keter, chochma, Bina, Da’at] (Mikdash Melech)
En dat op die troon de gelijkenis van een mens is. [De openbaring van G’ddelijkheid in de wereld Atziloet]
Wanneer al deze niveaus in de persoon zelf zijn gerectificeerd, zodat al de niveaus een Merkawa, [een voertuig] voor G’ddelijkheid zijn, staat er geschreven, “”Josef spande zijn wagen in en trok Israël, zijn vader, naar Goosen tegemoet.”
Met andere woorden, wanneer de verschillende niveau van de ziel van een persoon, Nefesh (corresponderend aan het woord Asiya), Roeach (corresponderend aan Yetzira), Neshama (corresponderend Beriya) zich hebben gerectificeerd en op de juiste wijze zijn geplaatst (ingespannen), is hij in staat om te klimmen naar het niveau van Chaya (Atziloet) en te communiceren met de G’ddelijke Aanwezigheid, zoals is geopenbaard in Zeir Anpin van Atziloet, refererend aan het vers als “zijn vader, Israël, en het visioen van de Merkawa als “de gelijkenis van een mens”.
Dit is wat Josef had bereikt toen “hij zijn voertuig inspande”.
SHABBAT SHALOM

HET CIJFER “ACHT” ROEPT ONS OP OM WONDEREN TE ZIEN IN DE NATUURLIJKE ORDE.


CHANOEKA

WIE KENT ACHT?

Dat het openlijke wonder van Chanoeka, het licht van de Menora, aanhield voor acht dagen, was geen toeval, maar wezenlijk. De Thora informeert ons dat G’d de wereld creëerde in zes dagen en ophield met werken op de zevende dag, de Shabbat. Het cijfer zes representeert zo gezegd de natuurlijke wereld die was gecreëerd in tijdslimiet van zes dagen met zijn zes ruimtelijke richtingen (oost – west, noord – zuid, boven – onder). Het cijfer zeven representeert G’D’s immanentie, de verhulde aanwezigheid van G’ddelijkheid in het hart en binnenste van deze wereld. Met andere woorden, zeven is de absolute ziel van zes en laat het doordringen met (transcendente heiligheid) en verheft het naar zijn perfectie. Het volgende cijfer, acht, representeert G’D’s transcendentie boven en verder dan deze wereld. Zoals alle wonderen, vond Chanoeka plaats op het niveau van “acht”, hetgeen boven de natuurlijke structuur uitreikt. Echter zijnde het laatste wonder van dien aard tot de komst van Mashiach, moest Chanoeka op een unieke zeer speciale wijze “acht” benadrukken. Het moest “acht” uitademen.

In het Hebreeuws heeft het woord shemona (acht) exact de zelfde letters als hashemen (de olie), neshama (ziel) en mishna (overgedragen leer). Zoals vastgelegd in de Talmoed, hadden de Syrische Grieken bij het binnendringen van de Tempel al de olie bezoedeld. Deze olie representeert het diepste niveau van de Joodse ziel. Het representeert het Joodse potentieel om te ontwaken vanuit de diepste sluimer van verbanning, en tot leven te komen zelfs (en misschien in het bijzonder) onder de meest moeilijke omstandigheden. Alleen één kruikje pure olie werd gevonden, verzegeld met de zegel van de Koheen Gadol ( Hoge Priester), de heiligste Jood die het niveau van “acht” personifieert krachtens de acht speciale kledingstukken die hij droeg wanneer hij dienst deed in de Tempel.

De siddoer (gebedenboek) informeert ons dat het Mattitjahoe de Chashmonai en zijn zonen waren die de Joden hergroepeerden om de Thora te verdedigen en tegen de Grieken te vechten. De naam Chashmonai heeft twee componenten, de letter chet de achtste letter van het alef – bet, gevolgd door het woord voor olie, shemen. Dus de Cha – shemanai familie belichaamt de kracht van Acht.

“Acht” maakt ons duidelijk om de beklemming tijd en ruimte te boven te gaan, om te zien door een wereld die G’ddelijk verbergt en onze zielen overspoelt en bedreigt met materie. “Acht” roept ons op om mirakels te zien in de natuurlijke orde, in verwarrende gebeurtenissen van ons individuele en collectieve leven, in het verborgen pad van G’ddelijke Voorzienigheid dat ons leidt.

“Acht” kan ons doen ontwaken uit onze collectieve sluimering. Door ons te laten herinneren aan de tijd toen G’D inderdaad openlijk “interfereerde” om de natuurlijke loop van de geschiedenis te veranderen, het versterkt ons verlangen naar de revelatie van G’D’s verlossing die wij verwachten in onze tijd.

CHAG SAMEACH

CHANOEKA

KABBALISTISCHE MEDITATIE OP CHANOEKA LAAT ZIEN DAT VERLOSSING AFHANKELIJK IS VAN BEWUSTZIJN.

Rabbi Jitzchak Luria

In de volgende meditatie, introduceert de Ari aan ons de mystieke methode hoe wij, in de verdienste van Chanoeka, sublieme heiligheid neerhalen naar de lagere sferen die zelden verbonden is met dergelijk verheven goddelijk licht. Rebbe Nachman van Breslov leert dat de feestdag van Chanoeka, waarvan de naam is geworteld in het Hebreeuwse woord “chinoech”, “educatie” of “wennen”, ons stuurt in onze voortdurende worsteling met de krachten die proberen om ons van G’D te distantiëren, die van de macht van onzuivere verbeelding, of in het Hebreeuws “m’damei”, door onze imaginatieve vermogens te purificeren, zijn we in staat om de primaire kracht achter al onze negatieve karaktereigenschappen en illusies te breken. (Likoetei Halachot Chanoeka 1:1)

Het woord “m’damei”, waarvan de numerieke waarde (89) gelijk is aan het woord “Chanoeka”, is geworteld in de letters dalet en mem, die het Hebreeuwse woord “bloed” vormen. Bloed representeert onder andere, de negatieve krachten van oordeel, onze missie is om het verzachten. Via de 44 (de numerieke waarde van dalet, 4, en mem, 40) lichtjes die we aansteken gedurende Chanoeka (inclusief de shammes) en het opwekkende bewustzijn die zij belichamen, worden de klipot voor ons genullificeerd. [Dit is ook gerelateerd aan de traditie van verhoogd geven van liefdadigheid (“geld”) gedurende Chanoeka, want het Aramese woord voor geld is “Dami” die de zelfde stam letters deelt met “m’damei”]. Zoals wij zo duidelijk in onze tijd getuigen, dat alles lijkt te staan tussen onze huidige situatie en de complete verlossing is onze vastberadenheid en duidelijkheid van onze nationale wil. In het licht van deze inzichten, is Chanoeka, waarin we onze verlossing vieren van vreemde mogendheden die proberen ons te verleiden om onze G’D en Zijn Thora in de steek te laten, een bijzonder gunstig moment voor meditatie, vooral op het licht van de kaarsjes of olie lampjes van de Chanoeka Menora.

De mystieke meditaties die iemand moet hebben voor het aansteken van de [Chanoeka] lichtjes gaat primair om een hemelse en volledig mystieke eenwording genaamd Ner [Hebreeuws voor “kaars”]. Kortom, er zijn drie primaire aspecten van de unificatie Zeir Anpin en Noekva: Havayah [verenigd] met Eh – yeh (die een numerieke waarde heeft van 47), Havayah met Elo – hiem ( gelijk aan 112), en Havayah met Ado – nai (gelijk aan 91). Soms wordt één aspect verenigt, soms twee en soms alle drie, waarin het bovenstaande wordt helemaal verenigd wordt en [dan] Noekva “Ner heet “, [waarvan de numerieke waarde 250 is], gelijk aan het totaal van de zes bovengenoemde G’ddelijke Namen.

Havayah = 26
Eh-yeh
= 21
Havayah
= 26
Elo-him
= 86
Havayah
= 26
Ado-nai
= 65

Plus 6, voor elke naam, de kolel,
= “Ner” (250), gespeld
noen (50), reish (200)

In de eerste zegen [“……Die ons heeft opgedragen het Chanoekalicht aan te steken”] wordt op alle drie [bovenstaande unificaties] gezinspeeld [in het woord “kaars”].

In de tweede zegen [“……..Die wonderen verricht….”], de tweede unificatie waar op gezinspeld wordt.

En in de derde zegen [“……Die ons leven heeft gegeven….”] de laagste van alle waarop gezinspeeld wordt.

De opdracht om het mirakel van Chanoeka bekend te maken vereist dat we onze menora aansteken op een plaats die zichtbaar is voor voorbijgangers en op een tijdstip niet te laat, zodat zich niemand meer op straat bevindt om het te zien. De boven genoemde termen geven aan, dat de kracht van Chanoeka zo groot is, dat gedurende de feestdag, de meest verheven hemelse niveaus van heiligheid (gerepresenteerd door de bovengenoemde unificaties van de G’ddelijke namen), zelfs toegankelijk zijn in de laagste sferen. Deze minder verheven domeinen worden gerepresenteerd door de term “marktplaats” (in het Hebreeuws, “shoek”, gerelateerd aan het woord voor “dij”, geassocieerd met de sefira van Hod. De achtste sefira van boven), een plaats die gekarakteriseerd wordt door verspreiding, disharmonie en gevoeligheid voor Externe Krachten. Chanoeka laat ons zien dat vonken van heiligheid overal zijn en biedt ons de mogelijkheid om deze vonken te verlossen, om zelfs heilig licht te laten schijnen in de sferen van duisternis.

CHAG OERIEM SAMÉACH – GELUKKIGE FEESTDAGEN VAN LICHT

KABBALISTISCHE MEDITATIE OP CHANOEKA LAAT ZIEN DAT VERLOSSING AFHANKELIJK IS VAN BEWUSTZIJN.

B:H


Rabbi Jitzchak Luria

In de volgende meditatie, introduceert de Ari aan ons de mystieke methode hoe wij, in de verdienste van Chanoeka, sublieme heiligheid neerhalen naar de lagere sferen die zelden verbonden is met dergelijk verheven goddelijk licht. Rebbe Nachman van Breslov leert dat de feestdag van Chanoeka, waarvan de naam is geworteld in het Hebreeuwse woord “chinoech”, “educatie” of “wennen”, ons stuurt in onze voortdurende worsteling met de krachten die proberen om ons van G’D te distantiëren, die van de macht van onzuivere verbeelding, of in het Hebreeuws “m’damei”, door onze imaginatieve vermogens te purificeren, zijn we in staat om de primaire kracht achter al onze negatieve karaktereigenschappen en illusies te breken. (Likoetei Halachot Chanoeka 1:1)

Het woord “m’damei”, waarvan de numerieke waarde (89) gelijk is aan het woord “Chanoeka”, is geworteld in de letters dalet en mem, die het Hebreeuwse woord “bloed” vormen. Bloed representeert onder andere, de negatieve krachten van oordeel, onze missie is om het verzachten. Via de 44 (de numerieke waarde van dalet, 4, en mem, 40) lichtjes die we aansteken gedurende Chanoeka (inclusief de shammes) en het opwekkende bewustzijn die zij belichamen, worden de klipot voor ons genullificeerd. [Dit is ook gerelateerd aan de traditie van verhoogd geven van liefdadigheid (“geld”) gedurende Chanoeka, want het Aramese woord voor geld is “Dami” die de zelfde stam letters deelt met “m’damei”]. Zoals wij zo duidelijk in onze tijd getuigen, dat alles lijkt te staan tussen onze huidige situatie en de complete verlossing is onze vastberadenheid en duidelijkheid van onze nationale wil. In het licht van deze inzichten, is Chanoeka, waarin we onze verlossing vieren van vreemde mogendheden die proberen ons te verleiden om onze G’D en Zijn Thora in de steek te laten, een bijzonder gunstig moment voor meditatie, vooral op het licht van de kaarsjes of olie lampjes van de Chanoeka Menora.

De mystieke meditaties die iemand moet hebben voor het aansteken van de [Chanoeka] lichtjes gaat primair om een hemelse en volledig mystieke eenwording genaamd Ner [Hebreeuws voor “kaars”]. Kortom, er zijn drie primaire aspecten van de unificatie Zeir Anpin en Noekva: Havayah [verenigd] met Eh – yeh (die een numerieke waarde heeft van 47), Havayah met Elo – hiem ( gelijk aan 112), en Havayah met Ado – nai (gelijk aan 91). Soms wordt één aspect verenigt, soms twee en soms alle drie, waarin het bovenstaande wordt helemaal verenigd wordt en [dan] Noekva “Ner heet “, [waarvan de numerieke waarde 250 is], gelijk aan het totaal van de zes bovengenoemde G’ddelijke Namen.

Havayah = 26
Eh-yeh
= 21
Havayah
= 26
Elo-him
= 86
Havayah
= 26
Ado-nai
= 65

Plus 6, voor elke naam, de kolel,
= “Ner” (250), gespeld
noen (50), reish (200)

In de eerste zegen [“……Die ons heeft opgedragen het Chanoekalicht aan te steken”] wordt op alle drie [bovenstaande unificaties] gezinspeeld [in het woord “kaars”].

In de tweede zegen [“……..Die wonderen verricht….”], de tweede unificatie waar op gezinspeld wordt.

En in de derde zegen [“……Die ons leven heeft gegeven….”] de laagste van alle waarop gezinspeeld wordt.

De opdracht om het mirakel van Chanoeka bekend te maken vereist dat we onze menora aansteken op een plaats die zichtbaar is voor voorbijgangers en op een tijdstip niet te laat, zodat zich niemand meer op straat bevindt om het te zien. De boven genoemde termen geven aan, dat de kracht van Chanoeka zo groot is, dat gedurende de feestdag, de meest verheven hemelse niveaus van heiligheid (gerepresenteerd door de bovengenoemde unificaties van de G’ddelijke namen), zelfs toegankelijk zijn in de laagste sferen. Deze minder verheven domeinen worden gerepresenteerd door de term “marktplaats” (in het Hebreeuws, “shoek”, gerelateerd aan het woord voor “dij”, geassocieerd met de sefira van Hod. De achtste sefira van boven), een plaats die gekarakteriseerd wordt door verspreiding, disharmonie en gevoeligheid voor Externe Krachten. Chanoeka laat ons zien dat vonken van heiligheid overal zijn en biedt ons de mogelijkheid om deze vonken te verlossen, om zelfs heilig licht te laten schijnen in de sferen van duisternis.

CHAG ORIEM SAMÉACH – GELUKKIGE FEESTDAGEN VAN LICHT

PARASHAT MIKEETS, SHABBAT CHANOEKA

Aan het einde                        Genesis. 41:1 – 44:17

RABBI SHIMON BAR JOCHAI


JOSEF, DE GEZEGENDE RIVIER


ZOHAR I, p. 193b

In de volgende sectie bespreekt  de Zohar  Farao’s droom, in welke hij zeven vette koeien uit de rivier ziet komen,  die vervolgens werden verslonden door zeven magere koeien. Toen zag hij zeven korenaren  uit één halm, voldragen en mooi, welke werden verzwolgen door zeven magere verlepte korenaren.

Kijk, er komen uit de rivier zeven koeien naar boven, prachtig om te zien en vol in hun vlees, die in het oevergewas gingen weiden.” (Genesis. 41: 2)

Het enige beeld in Farao’s droom dat niet geïnterpreteerd werd door Josef was de rivier.

Met rivier wordt de Nijl bedoeld, welke de bron van levensonderhoud was voor Egypte.

Rabbi Elazar zei: “Uit de rivier….

In de vragende zin, “Wat is de betekenis van de rivier in Farao’s droom?”

Het is de rivier die op alle niveaus is gezegend, omdat deze rivier neerwaarts gaat om te irrigeren en om allen te voeden. Josef is de rivier waarmee heel Egypte werd gezegend.

Met andere woorden, de rivier die alle lagere niveaus draagt is de eigenschap van Josef, de sefira van yasod van de wereld van Atziloet, welke wateren  van Atziloet neerhalen tot in Beriya.

Meer technischer gezien, in da’at van Berya, van welke de zevenmidot van chesed naar malchoet zich verspreiden.

Kom en zie: zeven niveaus [de zeven midot zoals boven vermeld] zijn geïrrigeerd en gezegend door hem. Zij zijn degene over wie men zegt, “[Zij waren] prachtig om te zien en vol in hun vlees”.

Die in het oevergewas gingen weiden.

Het Hebreeuws voor oevergewas [riet] “ba’achoe“, heeft dezelfde stam als het woord “broederschap”, “b’schava“.

[Parallel duid op ] hun wederzijdse verbinding en overeenstemming, er is geen separatie tussen hen.

En daarom hebben zij deze loffelijke eigenschappen [van éénheid].

Al deze zeven niveaus die wij genoemd hebben, zijn een mystieke waarheden , zoals is geschreven, “

“Zij kreeg zeven kamermeisjes tot beschikking uit het huis van de koning” (Ester. 2:9).

Dat waren de zeven dienstmeisjes die aan Koningin Ester werden gegeven door Koning Achasjwerosh.

Om die reden verwijzen zij naar de “zeven koeien van prachtig om te zien” [refererend aan de zeven sefirot van de zijde van heiligheid].

In tegenstelling tot degene waarover het vers verklaart: “….de zeven eunuchs die de Koning in nabijheid diende” ( Ester. 1:10).

Deze verwijzen naar de zeven magere koeien. Zij duiden op de sefirotvan de niet heilige domeinen.

Op een dieper niveau, zijn de sefirot van heiligheid feitelijk de sefirotvan de wereld van Tikoen, terwijl de sefurot van de niet heilige kant desefirot zijn van de wereld van Tohoe. Het Joodse Volk zou moeten afdalen naar Egypte om de heilige vonken te verheffen die in de fysieke wereld waren gevallen toen de wereld van Tofoe werd versplinterd. Dit is wat aan Josef werd duidelijk gemaakt in de dromen van Farao. (Ramaz)

Rabbi Jizchak was het oneens met de voorafgaande analyse. Volgens hem zag Farao niet de sefirot van de wereld van Beriya. Hij zei: “de zeven koeien” verwijzen naar die niveaus boven desefirot van de wereld van Asiya. En de zeven magere koeien” zijn de zeven ander niveaus daar onder.

Dit verwijst naar de zeven niveaus van Kelipa.          (Mikdash Melech)

De eerste zeven zijn van de kant van heiligheid, en de zeven andere van het aspect van spirituele onzuiverheid.

Rabbi Jehoeda [ het eens zijn met Rabbi Jitzchak] zei: de eersten waren goed, aangezien zij van de rechterzijde zijn [van de kant van heiligheid], welke aangaande is geschreven, “[G’D zag] dat het goed was” (Genesis.1:4). En de slechten zijn beneden      [inKelipa].

De zeven schoven zijn van de zijde van zuiverheid; de anderen zijn van de zijde van onzuiverheid. Deze niveaus existeren als één boven de ander, als twee tegenovergestelde. Farao zag ze allemaal in zijn droom.

Zei Rabbi Yaisa: werd dit alles getoond aan de slechte Farao?

Rabbi Jehoeda antwoordde: Hij zag alleen hun gelijkenis, want er zijn niveaus op niveaus, sommige tegenover elkaar, en sommige boven elkaar. Hij zag alleen die niveaus onder elkaar.

Hieruit leren we, dat dingen die zichtbaar worden in iemands dromen naar gelang hij is als persoon. Wanner hij slaapt, stijgt zijn ziel op om kennis te verkrijgen, ieder gelang zijn eigen niveau.

Zo zag Farao alleen wat voor hem passend was om te zien, en niets meer.

Dit in tegenstelling tot Josef, die dit onderwerp op een veel dieper niveau  begreep. Daarom is er geen meningsverschil tussen de twee opinies, Rabbi Elazar’s uitleg is van toepassing op wat Josef begreep van Farao’s dromen, terwijl Rabbi Jitzchak en Rabbi Jehoeda uitleggen wat Farao zelf zag.

SHABBAT SHALOM, CHANOEKA SAMEACH

PARASHAT WAJEESHEV

En hij zette zich      (Genesis 37:1 – 40:23)


Rabbi Shimon bar Jochai

Zohar, P. 182a

We hebben in de vorige lezingen gezien hoe de Zohar de Voorvaderen, relateert aan de sefirot. Abraham vertegenwoordigt Chesed/goedhartigheid, Isaak Gevoera/ strengheid, en Jacob, bemiddelaar tussen de twee, representerend Tiferet/evenwicht en schoonheid. In de lezing van deze week, continueert Rebbe Shimon dit thema en leert, dat Josef de sefira van Yesod, wat “basis” betekent, representeert. De Voorvaderen representeren dus het vehikel door welke spiritualiteit ( je zou kunnen zeggen “sefirotualitiet”!) terug daalt in deze wereld, na te zijn opgegaan en vertrokken vanwege Adam’s zonde. Om de uitleg van de Zohar te begrijpen is het zinvol om de “boom” van de sefirot te visualiseren en te onthouden waar Yesod staat in verhouding tot tiferet en de andere sefirot.

KETER
BINA CHOCHMA
(DA’AT)
GEVOERA CHESED
TIFERET
HOD NETZACH
YESOD
MALCHOET

“Dit zijn de nakomelingen van Jacob, Josef……..” (Genesis. 37:2). Dit impliceert, zoals we hebben geleerd, dat Jacob en Josef op elkaar lijken. Alles wat plaats vond bij Jacob, overkwam ook Josef. De twee staan gelijk aan elkaar.

Er wordt niet bedoeld dat zij uiterlijk op elkaar lijken, maar eerder gelijken op elkaar’s sefirot. Jacob is Tiferet en Josef is Yesod. Deze sefirot zijn op vele wijzen gelijk. Beide staan in het midden van de sefirot boom. Beide ontvangen van boven en van de twee zijkanten en beide geven de levensvoeding/sheva door die zij ontvangen. Aangezien Josef direct onder Jacob is, wordt hij de “nakomeling” van Jacob genoemd, en niet zijn 11 andere zonen. Deze uitleg past uitstekend in de tekst en openbaart de achterliggende verborgen betekenis.

Dit is het geheim van de [Hebreeuwse] letter vav de twee [vav’s] gaan samen, omdat zij één geheim en één vorm zijn.

Om de Hebreeuwse letter vav te kunnen uitspreken moet iemand de klank van de “vav tweemaal zeggen [dus twee keer de letter v]. Dit is weergegeven waarop het woord is gespeld, zowel in het Hebreeuws ( met twee vav’s) als in het Nederlands ( met twee v). De vorm van beide letters zijn het zelfde. Bovendien, in het Hebreeuws, betekent het woord vav, verbinding, of haak. In het Nederlands representeert de letter V een haak en laat twee zijden zien die in het midden onder met elkaar zijn verbonden. De letter vav is daarom een uitstekend voorbeeld van deze “verbindende” sefirot, in beide talen. Juist zoals je vav niet kunt zeggen of taalkundig niet kan uitspreken zonder de tweede vav, kun je niet Jacob verwoorden zonder Josef aan te halen. De ene representeert het lichaam; de andere representeert de briet/besnijdenis. In de handeling van het verbond, passeren alle krachten van het lichaam door de briet om een nieuw wezen te genereren. Vanuit hier kunnen we begrijpen waarom zuivere seksualiteit de grootste test was voor Josef. Om heiligheid te kunnen doorgeven, moet de briet heilig gehouden worden. De sefira van Yasod verbind alle sefirot boven zich, naar de sefira van Malchoet onder zich. Het punt waarop dit in werkelijkheid gebeurde was wanneer Josef samenkwam met Juda in Egypte, maar dat is een andere verhandeling……

SHABBAT SHALOM

PARASHAT WAJISHLÁCH

En hij zond (Genesis. 32:4 – 36:43)

RABBI SHIMON BAR JOCHAI

ZOHAR I, 166b

Jacob en zijn familie waren op weg naar het Heilige Land, na een verblijf van twintig jaar bij Laban. Toen zij het gebied naderden waar zijn broer Esau leefde, zond Jacob boodschappers vooruit naar Esau.

“Jacob zond afgezanten voor zich uit naar zijn broer Esau,…..Hij gaf ze de volgende opdracht : Zo moeten jullie het zeggen tegen mijn heer, tegen Esau: Zo zegt uw dienaar Jacob: Bij Lawan heb ik als vreemdeling gewoond en ben daar tot nu toe gebleven.
Ik heb runderen verworven,ezels en schapen, slaven en slavinnen en nu stuur ik een mededeling aan mijn heer om uw sympathie te verwerven.”
(Genesis. 32:4-6)

Rabbi Aba stelt de vraag: Waarom maakte Jacob contact met Esau ?. Het zou beter geweest om in alle rust te passeren. [Jacob redeneerde daartegen als volgt:] Ik weet dat Esau onze vader [Isaak] respecteert, hij zou nooit en te nimmer iets doen om hem kwaad te maken. Dus, weet ik dat zolang vader in leven is, ik niets van hem hoeft te vrezen. Maar nu  mijn vader bejaard is, is het beter om het goed te maken met mijn broer. Dus zond hij onmiddellijk boodschappers vooruit naar Esau.

Hij instrueerde hen om de volgende boodschap over te brengen: bij Lawan heb ik als vreemdeling gewoond en ben daar tot nu toe gebleven.
Rabbi Jehoeda vraagt zich af: wat was Jabob’s intentie in het zenden van boodschappers om Esau te informeren dat hij heeft gewoond bij Laban? Wat trachtte hij te bereiken door hem dit te vertellen?Nochtans, Laban’s [schandelijke] reputatie was wereldwijd verspreid. Het was bekend dat niemand kon ontsnappen [tegenover wie hij een bloedwraak had], want Laban was een zeer machtige magiër.Hij was de vader Beor (zie Sanhedrien 105a; Bamidbar Rabba, Balak), die de vader was van Bilaam, over wie is geschreven, “Bilaam de zoon van Beor, de magiër” ( Joshoea. 13:22) hij streefde hen allen voorbij in de kennis van tovenarij en zwarte magië. Maar ondanks alles was hij niet in staat om Jacob te vernietigen, ondanks het feit dat hij dit vele malen, op verschillende wijze probeerden, zoals het vers verklaart, “[Laban] de Arameeër [probeerde] Jacob te vernietigen”(Deuteronomium. 26:5) [Daarom zond Jacob boodschappers om Esau te informeren dat als Laban hem niet kon overweldigen, Esau zeker  zou falen.]

Rabbi zei [in een breder perspectief]: de hele wereld wist dat Laban de grote Magiër was, en ieder die hij wenste te vernietigen, kon daar niet aan ontsnappen. Alle kennis die Bilaam bezat kwam van Laban, en betreffende Bilaam is de uitspraak “Dat wie van u een zegen ontvangt gezegend is en wie van u een vervloeking krijgt ook vervloekt is” (Numeri. 22:6).
[Daarom zijn dezelfde krachten toe te schrijven aan Laban], zodat iedereen bang was voor Laban’s magié.

Daarom rapporteerde Jacob als eerste aan Esau dat hij bij Laban had geleefd. En in het geval dat Esau zou denken dat dit alleen maar voor een korte tijd was, een maand, of een jaar, benadrukte hij dat dit niet zo was, want ” ik heb mijn terugkeer voor twintig jaar vertraagt tot aan nu”.

“….Runderen en ezels”: Als nu Esau zou denken dat hij met lege handen kwam, [dat hij zijn ontmoeting met  Laban overleefde, maar zodoende ook geen enkele materieel voordeel er van zou hebben, informeerde Jacob hem,] “ik heb runderen en ezels verworven….” Deze twee, [runderen en ezels] representeren streng oordeel.

Zij representeren het mannelijk en vrouwelijk element van kelipa.(Damasek Eliezer) Het mannelijke aspect van kelipa is het actieve element, gewelddadig verspreidend zijn spiritueel onzuivere zaad in de ruimte. Het vrouwelijke element verleidt de vonken van heiligheid in de schillen [kelipa] van onzuiverheid zodat zij worden vastgehouden binnenin de kelipa.

Overeenkomstig, telkens wanneer deze twee samen worden gegrondvest, zijn er altijd kwade gevolgen. En om die reden wordt ons opgelegd, “Ploeg niet met rund en ezel tegelijk” (Deuteronomium. 22:10)
“….Schapen, knechten en dienstmeiden”: zijn de lagere kronen [de tien onzuivere sefirot van kelipa, worden “kronen”genoemd, omdat elk van hen verklaart, “alleen ik ben waardig om te regeren, en iedereen heeft zich aan mij te onderwerpen, zie Meor v ‘Shemesh, Vayeitzei.
Terstond werd Esau erg bang en kwam Jacob tegemoet om hem te ontmoeten. Hij was net zo bang voor Jacob, als Jacob voor hem.

SHABBAT SHALOM

PARASHAT WAJEETSÉE

En hij vertrok (Genesis. 28:10 – 32:3)

RABBI SHIMON BAR JOCHAI


ZOHAR, P. 149b

Kom en zie: Er is geschreven “En hij [Jacob] droomde, en zie, daar was een ladder neergezet op aarde, waarvan de top tot aan de hemel reikt en de engelen van Elo-hiem klimmen er op en af.” (Genesis. 28:12) Hoe kon het zijn dat de heilige Jacob, die weliswaar de perfectie van de voorvaders representeerde de alleenverdienste had dat de Heilige, geprezen zij Hij, aan hem verscheen in een droom? Bovendien bevond hij zich op de plaats van de toekomstige Tempel op de berg Moria en was G’D reeds bewust in een droom! Doch Jakob was op dit tijdstip niet gehuwd en was daarom incompleet en  onwaardig om dit spirituele niveau van profetie te  ontvangen.
De tsaddiek van de generatie, zijn vader Isaak, leefde nog steeds in die  tijd,  daarom zou het aannemelijk zijn dat de meest wezenlijke  bron van G’ddelijke openbaring toch aan  hem verschijnt.

Nu  kun je  ook zeggen dat zelfs nadat hij was getrouwd, geschreven is dat Jacob in een droom “gestreepte en gestippelde bokken zag (Genesis 31:10), maar dat was buiten Israël, welke het Heilige Land is, waar het niveau van profetie kan worden bereikt en ook op dat tijdstip Isaak actief was. Het was alleen later, toen Jacob terugkeerde naar het Heilige Land met zijn zonen, de stammen, vergezeld van Rachel en Lea en de heilige Shechina welke met hun verbleef, zoals staat geschreven “Als een blijde moeder van kinderen”(Psalm. 113:9), dat Jacob het niveau bereikte bij het zien van een visioen. Vanaf dit tijdstip is geschreven, “Elo-hiem verscheen aan Jacob” (Genesis. 35:9), en Elo-hiem zei tot Jacob: “Dit  is een nachtelijk visioen” (Genesis. 46:2). Er staat niet geschreven dat Jacob “droomde” tijdens deze periode, aangezien hij op een ander hoger spiritueel niveau was.

Kom en zie, dromen worden mogelijk gemaakt door de engel Gabriël, welke zes niveaus onder het niveau van profetie is.

Profetie is geassocieerd met de sefirot van netzach en hod vanAtziloet. Tel vanaf hod zes sefirotyesod, malchoet, chochma, bina, chesed, om aan te komen bij gevoera in de wereld van Beriya, waarvan uit dromen voortkomen. Gabriël beperkt de uitbraak van abundantie die wordt ontvangen door de dromer, of profeet, van de Oneindige Licht.

Er is een ander model van openbaring, welke genoemd wordt “Een weerspiegeling van profetie” of “Mareh” ,  welke het zien is van een visioen in een spiegel, in het Hebreeuws, “mareh“. Deze openbaring gaat naar het niveau welke de Levenskracht is, die heerst in de nacht. Als je zegt dat dit niveau ook geassocieerd  wordt  met Gabriël, zoals Daniël zegt, “En ik hoorde een stem van een man weerklinken tussen de oevers van de rivier Oelai, en hij riep: “Gabriël, maak deze man het visioen begrijpelijk” (Daniël 8:16) dan is het correct dat Gabriël wordt geassocieerd met beide deze niveaus van dromen en visioenen, hoewel meer met een  “Mareh” omdat een visioen nog moeilijker valt te ontcijferen. Een droom is veel gemakkelijker te begrijpen en beter leesbaar, in vergelijking  met dat wat zichtbaar zou zijn in een weerspiegeling van een profetie (een “Mareh“).

Gabriël is specifiek aangesteld om het onderwerp van de reflecterende profetie uit te leggen omdat het meer verhuld is.

De namen die gebruikt worden om G’D’s optreden te beschrijven in de visioenen van “Wajerá” (Genesis. 35:9) en “Wa’erä” (Exodus. 6:3),  zijn gelijk aan het woord “Mareh“, wat “spiegel”betekent. Dus men zei dat de voorvaders een visioen zagen van El Shadai wat in feite een reflectie was van het niveau van malchoet van  Atziloet. Dit visioen omvat alle andere symbolen en vormen van de hogere werelden, maar  zoals een  spiegel, die het  voorliggende reflecteerd, maar niet het  achterliggende.

In een visioen is de spirituele inhoud van de lagere wereld geopenbaard waardoor zijn hogere bron kan worden vastgehouden, dus kan worden begrepen.

SHABBAT SHALOM

PARASHAT TOLEDOT JITSCHAK

De geslachten van Jitschak            Genesis 25:19 – 28:9

Rabbi Shimon bar Jochai

Zohar, parashat Toledot, P 140b

In ons Zohar gedeelte hieronder, bespreekt Rabbi Jehoeda de vraag, waarom Abraham en Jitschak honger door hongersnood in hun respectievelijke levens moesten ervaren.

Kom en zie, wanneer de Heilige, geprezen zij Hij, wil schijnen in iemands ziel, Hij raakt het lichaam [om het te verzwakken] zodat de ziel erover zal heersen. Dit is omdat, zolang als de ziel [gelijk in kracht] is in het lichaam, heeft zij geen controle over dat lichaam. Wanneer het lichaam is gebroken, verzwakt, kan zij [de ziel] er over heersen.

Dit is de diepere reden achter ziekte en tragedie in iemands persoonlijke leven. Het is de wijze waarop G’D de verheffing van het spirituele over het fysieke bewerkstelligt. Het verklaart tevens ook de hogere spirituele vermogens van de gehandicapte en verklaart waarom wij vasten. Ascetische praktijken hebben de zelfde uitwerking.

Dit is wat er is geschreven, “G’D test de rechtvaardige; maar de niet rechtvaardige en degene die van geweld houdt, haat Hij [zijn ziel]” Psalm.11:5). Wat betekenen de woorden “G’D test de rechtvaardige”? Dit is wat er is geschreven op een andere plaats: “Zie, Ik leg in Zion een fundatie steen, een geteste, kostbare hoeksteen, een verzekerde fundatie” (Jesaja. 28:16). [Dus “geteste” betekent, uitzonderlijk sterk]. Dit is het zelfde als het testen van de rechtvaardigen. G’D sterkt hem, om als die geteste steen te worden die een kostbare hoeksteen is. Dit is de betekenis van de woorden “G’D test de rechtvaardige”.

Deze stenen waren in feite de stenen in het midden van het gewelf. Zij moesten uitzonderlijk sterk zijn omdat het gewelf het dak ondersteunde en het middelpunt van het gewelf, het centrale punt, alle druk moest weerstaan. De vertaling “hoeksteen” kan enigszins misleidend zijn, men kan denken aan stenen in de hoek van een muur, in plaats van een steen in het midden van een gewelf.

En [het tweede gedeelte van het vers zegt] “…..de slechte en hij die van geweld houdt, hij haat [zijn ziel]”. Wat is de [letterlijke] betekenis van de worden “hij haat zijn ziel”? Verdrijf elke gedachte die bij je opkomt,dat de ziel van G’D [die als enige geheel barmhartig is] slechten haat. Maar van het niveau, waar alle zielen van afhangen [de Shechina] haat de ziel van degene die van geweld houdt en op geen enkele wijze bereid is om zich aan Hem te hechten, hetzij in Deze Wereld of in de Komende Wereld. Om die reden staat er geschreven, dat de slechte en liefhebber van geweld [in het Hebreeuws, “hamas”] zijn ziel haat, in de betekenis van, Zijn ziel [de Shechina].

De heilige Shechina keert zich af van de gewelddadige, die een werktuig is geworden van de “andere zijde”. Wanneer de gewelddadige sterft aan een gewelddadige dood, continueert de afkeer van de heilige Shechina ten gevolge van het versmaden van de heilige Shechina tijdens zijn leven. Er bestaat zelfs een terroristische groep die de naam “Hamas” gebruikt, die gewelddadige handelingen uitvoert en ondanks alles gelooft, dat zij daardoor een bevoorrechte plaats verkrijgen in het hemelse paradijs. Hier leren wij dat het tegenovergestelde waar is.

Een andere interpretatie van de woorden “Hij haat zijn ziel” is dat het betekent: “Zijn ziel [de Shechina] haat de ziel van de slechte”. Zoals is geschreven: “De Eeuwige G’D heeft gezworen bij Zijn Ziel [in het Hebreeuws, “nafsho”]. (Amos 6:8)

Alle ernstige verwensingen zijn in de sefira van Malchoet, welke “nafsho” genoemd wordt. Dit betekent dat Malchoet, ook bekend als de Shechina, de Nefesh is van Hem, waar “Hem” of “Zijn” in een vers wordt aangehaald, is Zeir Anpin. Dus de Nefesh van G’D is de Shechina, Zijn Roeach is Zeir Anpin. Het woord “nafsho” verwijst naar de eenheid van de twee. Deze eenheid is volledig afwezig in de ziel van de slechte.

Daarom worden de rechtvaardigen getest [omdat zij weerstand kunnen bieden aan het geweld van de slechte en, om in staat te zijn, de rechtschapenheid van G’D te laten zien].

SHABBAT SHALOM

PARASHAT CHAYEE SARA

Het leven van Sara (Genesis 23:1 – 25:18)

Rabbi Shimon bar Jochai
Zohar, p. 132a

De Zohar interpreteert enige kenmerken van G’ddelijke Voorzienigheid, die plaats vonden tijdens de ontmoeting van Eliezer, de dienaar van Abraham en Rebecca bij de bron.

Kom en zie de vele verborgen hemelse openbaringen die er zijn in de Thora. Dit is waarom Koning Solomon verklaart, “Zij is waardevoller dan parels” (Spreuken. 3:15). Wegens de hoeveelheid verborgen schatten [zoals de parel in een oester]. Dit is waarom Koning David, als hij met de geest van wijsheid zich in haar verdiepte en met de wetenschap hoeveel wonderbaarlijke dingen uit haar voortkomen, smeekte, “Open mijn ogen, zodat ik de wonderbaarlijke dingen mag zien in U, Thora” (Psalm. 119:18).

Zoals we hier beneden zullen zien, bevat elk woord, elke letter van de Thora, een hoeveelheid verschillende niveaus van toespelingen, lessen en esoterische betekenissen. Dit is één van de redenen waarom het leren van Thora, in een andere taal dan het Hebreeuws, zo moeilijk is.

Kom en zie wat is geschreven: “Hij was nog niet uitgesproken of daar kwam Rebecca naar buiten” (Genesis.24:15). Wat is de betekenis van de woorden “naar buiten”[omdat Eliezer stond te wachten bij de waterput] zou het grammaticaal logischer geweest zijn om te zeggen dat zij aankwam!! Wat suggereren de woorden “naar buiten” ? [in het Hebreeuws, “yatzet”]

Het geeft aan, dat de Heilige, Geprezen zij Hij, haar vanuit alle anderen in haar stad koos [en haar separeerde vanwege haar rechtschapenheid]. Allen waren slecht, zij was de uitzondering [“yatzet” heeft de zelfde stam als “yatza” boven] boven alle anderen.

“En ze kwam naar beneden naar de, [letterlijk] ontspringen van water [Hebreeuws, ‘ayinah’].” Waarom wordt het woord gespeld met een sluitletter  in onze tekst? [Gewoonlijk wordt het woord zonder de  geschreven]. De verborgen verklaring is dat de Bron van Miriam daar ontsprong [een toespeling op de G’ddelijke aanwezigheid, welke opwelde in verdienste zowel voor de rechtschapen Rebecca als voor Miriam]. Om die reden werd het woord ‘ayinah’ [welke de laatste letter  is van de vierletter naam Havayahjoed-hé-vav-hé]. Bovendien, welde het water op voor haar [en wat eerst waterput werd genoemd [Hebreeuws, ‘be’er’]] toen Eliezer aankwam, werd nu ontspringen van water[‘ayin’] tot verdienste van Rebecca.

Vervolgens zegt de tekst dat de andere meisjes ook “naar buiten” kwamen. Om uit te leggen hoe deze zin eveneens in relatie staat tot Rebecca, wordt nog een ander aspect van het vers belicht.

Een andere interpretatie, “Daar komt Rebecca naar buiten” [Hebreeuws, ‘yotzet’] welke is als het vers dat zegt [de dochters van de inwoners van de stad] “komen naar buiten [yotzot] om water te scheppen”. (Genesis, 24:13) Waarom wordt het woord “yotzot” gebruikt en niet de woorden “zij gingen” of zij kwamen “om water te scheppen”? De reden [dat de woorden “naar buiten” werden gebruikt] is, dat zij de gehele dag binnen [in het huis] verbleven, en alleen naar buiten gingen wanneer het tijd was om water te scheppen. [Zij bleven wachten tot aan het tijdstip dat de herders huiswaarts waren gegaan, om hun bescheidenheid en degelijkheid te bewaren] en dit kenmerk werd opgemerkt [door Eliezer].

Eliezer begreep, dat de reden, dat G’D hem exact op het tijdstip liet arriveren was, om hem in staat te stellen de bescheiden en degelijke meisjes te kunnen ontmoeten, die nadrukkelijk naar buiten gingen op een bepaalde tijd van de dag om de herders te mijden. Vanuit hen, concludeerde hij , dat hij bruid van Izaak zou ontmoeten.

SHABBAT SHALOM